
Als het om thrillers gaat, dan kunnen weinig Vlaamse schrijvers tippen aan Toni Coppers. De Truiense auteur, die zijn boeken samen met echtgenote en soulmate Annick Lambert schrijft, kreeg in 2022 al de Lifetime Achievement Award van de Knack Hercule Poirot-Prijs voor zijn volledige oeuvre. Een eer die tot dan maar aan enkele andere Vlaamse auteurs te beurt viel. Enkel Jef Geeraerts, Pieter Aspe en Aster Berkhof gingen hem voor. En toch moet ik tot mijn scha en schande bekennen dat ik tot voor kort nog nooit een boek van hem had gelezen. Met Roofdier – het vijfde boek in de Alex Berger-reeks, Coppers schreef ook al 20 thrillers in de Liese Meerhout-reeks – kwam daar – gelukkig maar – verandering in.
Het verhaal
De voormalige Brusselse politiecommissaris Alex Berger is nu privédetective in Oostende, waar hij de dood van zijn echtgenote Camille, die omkwam bij de aanslagen in Parijs, probeert te verwerken. Hij wordt aangesproken door Inge Janssen, een wanhopige moeder die hem vraagt op zoek te gaan naar haar zoon Tom. De filmstudent is op midzomernacht verdwenen in Finland. Berger wijst de vrouw eerst af, maar wanneer hij hoort dat de jongen in Finland een documentaire wou maken over Zeger Jonckheere, is zijn interesse gewerkt. Jonckheere is niet alleen een Vlaamse schilder die een maand voor de verdwijning van Tom door een beer werd gedood, maar blijkt ook de verwekker van de jongen te zijn. Berger trekt naar Fins Lapland, waar hij samen met de Finse recherche de jongen zoekt. En dan vindt de Finse politie een vreselijk verminkt lijk. Niet dat van Tom, al voelt Berger aan dat het misschien wel iets met de dood van Zeger en de verdwijning van Tom te maken heeft. Een gevoel dat wordt bevestigd wanneer in België een man op exact dezelfde manier vermoord wordt…
Het oordeel
Ik begrijp meteen waarom Toni Coppers zo populair is. Het boek, 361 bladzijden lang, weet voortdurend te boeien. Coppers en Lambert voegen steeds nieuwe elementen aan het verhaal toe, waardoor je als lezer steeds meer te weten komt, zonder dat ze de clou al weggeven. Tegelijkertijd maken ze van hoofdfiguur Berger een personage van vlees en bloed. Iemand die twijfelt, die lief wil hebben maar dat nog niet helemaal kan/durft, die zijn vrienden koestert en al eens over het verleden durft te mijmeren. Het einde van het verhaal was misschien net iets te over the top, maar dat doet niks af aan het boek. Dit was mijn eerste Coppers, maar zal zeker niet de laatste zijn.